Totaal aantal pageviews

woensdag 4 januari 2012

Smurfen



Groep 1-2

De aanleiding voor het thema Smurfen 
is de nieuwe Smurfenfilm in het najaar 2011.
De Smurfen passen ook goed in het thema Herfst.
Ze wonen in paddenstoelen in een idyllisch dorpje in het bos.
  
De kleine blauwe mannetjes zijn nog steeds populair.
De kinderen vinden ze erg leuk en kennen de verschillende smurfen.



Het is een kort thema en duurt 2 weken.


Al snuffelend op internet over een onderwerp kom je ook nog wat te weten.
De Smurfen zijn in 1958 bedacht door de Belgische striptekenaar Peyo.
Het woord smurf is ontstaan toen de tekenaar uit eten ging met een vriend. 
Hij wilde het zout hebben maar hij kon niet meer op het woord komen. 
Daarom vroeg hij in het Frans: ” geef me de smurf (schtroumpf) eens aan ".
Zijn vriend zei toen als grapje: “hier smurf aan.” 
Zo ontstond tijdens het eten de smurfentaal. 

  
Het verhaaltje verteld wat over de smurfen en gaat kort in op het verhaal van de film.
De smurfen zijn door een magische poort gevlucht voor Gargamel.
Ze zijn in onze tijd en in onze wereld terecht gekomen.
Ze moeten ook weer terug door die magische poort.


Op het tekenblaadje staan al een paar smurfen en de opdracht is: 
Kleur de smurfen met ronde draaibewegingen heel netjes in.
Ieder kind heeft een blauw potlood en de kinderen doen er duidelijk hun best op.


Het 2de deel van de opdracht is: Teken de magische poort.

 

   Het 3de deel van de opdracht is: teken magische sterren.



woensdag 28 december 2011

Lantarentje


Groep 3

Ik wilde met groep 3 iets knutselen voor het kerstdiner.
Ik wilde ook kijken of de kinderen kunnen 'spiegelen'.
Het leek een geschikte opdracht.


Op het papier staan 4 vakjes.
In het midden van elk vakje staat een middenlijn.
Onderaan het papier staan voorbeelden voor eenvoudige? kerstvormen.


.



De kinderen tekenen in ieder vakje een vorm en knippen die vorm uit.
Dat valt niet mee want de vorm moet van binnen uit uitgeknipt worden.
Achter de uitgeknipte vorm wordt doorzichtig gekleurd papier geplakt.
Ook dat blijkt lastig.


Dan mag uiteindelijk de goede kant worden versierd.
Er zijn sterretjes en ze mogen met potlood verder werken.
Voor het versieren was niet veel tijd en animo meer.


Het bleek een hele klus om met 27 kinderen dit werkje te maken.
Het zijn te veel lastige opdrachten in 1x.
De volgende keer maken we wel kaarten met een spiegel opdracht.


Spiegelen is typisch een mandala opdracht.
Tijdens het tekenen van een mandala mag je (eigenlijk) je papier niet draaien.
Als je een mandala maakt met een patroon dat zich herhaald 
ga je automatisch spiegelen.
Je kan spiegelen rond een verticale as of rond een horizontale as.

Spiegelend tekenen is normaal gesproken leuk om te doen.
Denken en voelen wordt in balans gebracht
Het zou ontspannend moeten werken...




zaterdag 24 december 2011

Kerstkrans


groep 1-2

Een kerstkrans op de deur hangen is een oud gebruik.
Heel vroeger gaven de mensen elkaar een krans van groen blijvende takken.
Ze wensten elkaar met de krans een goede gezondheid toe.
Ze hingen de krans aan de deur van hun huis.
De krans beschermde de bewoners van het huis tegen ziekte en tegenspoed.


We gaan vandaag een kerstkrans tekenen.
De opdracht is: teken een zo'n groot mogelijke cirkel op het blad.
We tekenen linksom.


De kinderen krijgen allemaal 2 groene potloden.
Een licht groen en een donker groen potlood.
Ze gaan een heleboel rondjes draaien met groen.
Het 2de deel van de opdracht is: teken takjes in de krans.



Daarna is de opdracht vrij.
De andere kleurpotloden komen op tafel en
de krans mag versierd worden met besjes, hartjes, pakjes, sterretjes ed.
Er is ook weer een goud potlood.


De opdracht sluit aan bij de normale tekenontwikkeling van kinderen.
Ze gaan op een gegeven moment cirkels tekenen (de krans) en dwars lijnen (de takjes)
De cirkel tekenen is ook een oefening voor de letter O en het cijfer 0.
We tekenen de krans linksom. 





woensdag 21 december 2011

De kerstman


groep 1-2

De kerstman is verre familie van Sinterklaas.
Nederlanders die rond 1600 naar Nieuw Amsterdam emigreerden
introduceerden Sinterklaas in hun nieuwe vaderland.


In Amerika vermengde Sinterklaas zich met andere oude gebruiken.
Hij veranderde in Santa en kreeg rendieren, een arrenslee en elfjes. 


Door een Coca Cola advertentie in 1930
ontstaat het beeld van de kerstman zoals we hem vandaag de dag kennen:
een dikke joviale man in de Coca Cola kleuren rood, wit en zwart.


De kerstman reist op Kerstavond met de arrenslee door de lucht.
De arrenslee wordt getrokken door 8 rendieren en de bekendste is Rudolf.
De Kerstman heeft het heel druk op kerstavond.
Er is berekent dat hij 968 huizen per seconde aan doet .


De opdracht is hetzelfde als de tekening van de baard van Sinterklaas.
Hij is op een andere school gedaan.
De kinderen gaan de baard tekenen met ronde bewegingen.
 Ze gaan rondjes draaien en 'lopen' met hun potlood over het papier.
Ze mogen niet op één plaats blijven.
Ze krijgen een goud potlood.


Daarna mogen ze de tekening afmaken.
Het gezicht inkleuren, een muts tekenen, sterren en pakjes ed.





zondag 18 december 2011

De kerstboom


groep 3

Het is een beetje sentimenteel kerstverhaal:
Een klein kerstboompje is alleen achter gebleven in het bos.
De grotere en mooiere bomen zijn omgezaagd en meegenomen door de mensen.
Ze waren opgewonden over hun toekomst.


Als het eenmaal donker is
wordt het boompje toch meegenomen door een vader en zijn kinderen.
Ze willen een kerstboompje met kluit.
Thuis wordt het boompje mooi versierd met lichtjes en kerstballen.
Na de kerst krijgt het boompje een plaatsje in de tuin.


We gaan vandaag een kerstkaart maken.
Een kerstkaart voor jezelf.
De kinderen krijgen een groen blad papier.
Het is een half A4 tje dat dubbel gevouwen wordt.
Op een kleiner wit blaadje gaan ze het kerstboompje tekenen.
Als de tekening klaar is mag hij op de groene kaart geplakt worden.



Het is nog lastig om de kerstboom links en rechts ongeveer gelijk te maken.
De kinderen hebben de boom ingekleurd en versierd.





donderdag 15 december 2011

Het kerstklokje



Het verhaal gaat over een heel klein kerstklokje.
Het klokje heeft een mooie klank.
Als je heel stil bent kunt je het klokje horen.
Als je het een keer gehoord hebt dan vergeet je het geluid nooit meer.


Ons klokje zit in een doos met andere kerstklokken.
Die kerstklokken zijn mooier van kleur en prachtig versierd.
Ze klinker harder en scheller.
Ze zijn groter en natuurlijk belangrijker.


Het kerstklokje wordt over het hoofd gezien, 
hij blijft achter in de doos.
Gelukkig gaat een van de kinderen toch op zoek.
Hij hoort het zachte geklingel.
Het kerstklokje wordt gevonden 
en krijgt de mooiste plaats midden in de boom.


De tekening is een mandala.
Er staan in een cirkel 8 klokjes op het blad.
De opdracht is:
versier de grote klokken met kleine rondjes, streepjes, kruisjes ed.
Het is een arceer opdracht.
De kinderen mogen zelf weten hoe ze de klokken versieren met goud potlood.


Het vervolg van de opdracht is:
Teken in het midden het kleine klokje.
Teken met groen potlood dennentakjes.


Kersttakken tekenen is toch best moeilijk!


Kinderen gaan op een gegeven moment dwars lijnen tekenen.
Het is de fase van de peuterpubertijd.
Het kind wil zijn een eigen weg gaan en gaat botsingen niet uit de weg.
Het is de periode dat een kind behoorlijk dwars kan liggen.